donderdag, april 09, 2009

Fris en helder Salamanca (4)

Foto: Casa de las Conchas, met op de achtergrond een van de torens van de Universiteit van Salamanca. © Duveltje 2009

We slapen de siësta. Daarna lopen we verder door de stad. Er zijn zoveel mooie gebouwen, binnenplaatsen, torens, kerken. Jammer dat die ijzige wind maar blijft blazen. Het is te koud om op een terrasje te gaan zitten.

Het Casa de las Conchas ( het Schelpenhuis) wordt zo genoemd vanwege de sint-jakobsschelpen die als ornament op de gevel zijn aangebracht. Het is gebouwd tussen 1493 en 1512 en is een voorbeeld van laatgotische civiele bouwkunst (gótico civil), waarin bovendien nog Moorse invloeden terug te vinden zijn. De legende gaat dat onder een van de schelpen een schat verborgen ligt.

De sint-jakobsschelp is het symbool van de pelgrimage naar Santiago de Compostela. Vroeger liepen de pelgrims nog een stuk door. De route eindigde in Finisterre dat 100 kilometer meer naar het westen ligt, aan de Atlantische Oceaan.
In Finisterre aangekomen zochten de pelgrims een schelp op het strand en namen die mee als bewijs van hun tocht. Er zijn nog steeds pelgrims die het extra stuk van Santiago naar Finisterre afleggen en veel van hen dragen de hele tocht een sint-jakobsschelp met zich mee.

Het huis behoorde oorspronkelijk toe aan Rodrigo Maldonado de Talavera, rechtsgeleerde, professor aan de universiteit en ridder in de Orde van Santiago, vandaar de schelpen.

Die sint-jakobsschelpen zijn trouwens een ware lekkernij. Ik moet daar binnenkort maar eens een receptje aan wijden.

dinsdag, april 07, 2009

Fris en helder Salamanca (3)

Foto: kamer in het Centro Documental de la Memoria Histórica in Salamanca, ingericht als vrijmetselaarsloge.

Na ons bezoek aan het Casa Lis maken we een wandelingetje over de Romeinse brug over de rivier de Tormes. Daarna wandelen we het centrum weer in. Salamanca is een stad van ooievaars en kikkers. Als ik omhoog kijk naar de torens van de kathedraal zie ik daar wel zeven ooievaars tegelijk rondcirkelen. De kikker is tot symbool geworden omdat hij staat afgebeeld op de 16e-eeuwse gevel van de Universiteit van Salamanca, de oudste universiteit van Spanje.

We bezoeken het Centro Documental de la Memoria Histórica, een historisch documentatiecentrum.
Het centrum huisvest een archief voor documenten die met de Spaanse Burgeroorlog te maken hebben. De fascisten brachten de documenten tijdens de Burgeroorlog bijeen en gebruikten ze bij de vervolging van hun tegenstanders. Het is open voor publiek en er is een permanente expositie van onder andere propaganda van republikeinen, falangisten, fascisten en communisten. Door de fascisten werden voorwerpen verzameld waarmee hier een vrijmetselaarsloge is ingericht. Net als Hitler rekende Franco de vrijmetselaars tot zijn vijanden.

Door een glazen wand kunnen we de kamer bekijken. Aan het andere einde zitten drie poppen gehuld in zwarte lakens die ons vreemd aanstaren. Het is een sinistere voorstelling.

Als we buiten komen blaast gelukkig nog steeds die frisse wind die de macabere beelden weer snel wegvaagt.

maandag, april 06, 2009

Fris en helder Salamanca (2)

links: beeldje van Demetre H. Chiparus, rechts: poppen van Kestner met afschroefbare hoofdjes.

De volgende ochtend bezoeken we eerst Casa Lis, het museum voor Art Deco en Art Nouveau. Het museum herbergt een imposante verzameling beeldjes van art-deco-kunstenaars als Demetre H. Chiparus, Claire Colinet en Ferdinand Preiss. Ik was niet bekend met deze kunstenaars en dit is een leuke verrassing. De beeldjes uit ivoor, brons en marmer zijn juweeltjes. Het museum zelf is een Jugendstilpaleisje, ontworpen door de architect Joaquín de Vargas en gebouwd tussen 1904 en 1905. Het blauwe glas in lood zorgt voor een speciale lichtval en een heel bijzondere sfeer. Je waant je zo in het begin van de 20e eeuw.

Op de eerste etage bevindt zich een even indrukwekkende poppenverzameling met antieke poppen van Kammer & Reinhardt, Kestner en Simon & Halbig. Vooral de poppetjes met afschroefbaar hoofdje in een doosje maken op ons een lugubere indruk.
We stellen ons voor dat die honderden poppen met hun bleke gezichten en vreemde opengesperde glazen ogen ‘s nachts uit hun kabinetten komen om een dansje te maken.

vrijdag, april 03, 2009

Fris en helder Salamanca

foto: toren van het klooster der Ursulinen, Salamanca

Plof en ik komen ’s avonds aan en lopen door de stad met het laatste licht van de dag. Het centrum van Salamanca is in zijn geheel gerestaureerd. Gevelreclame en -verlichting zijn minimaal. Een groot deel van de gebouwen is in gotische, romaanse, renaissance- en barokstijl bewaard gebleven en de stad straalt een sfeer uit vergelijkbaar met die van Florence of Brugge. Salamanca's stadscentrum staat sinds 1988 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. De cafécrème-kleurige steen waar de gebouwen uit zijn opgetrokken domineert. Een koude wind blaast de straten schoon en de stad is helder, zuiver alsof de heiligen die op de gevels staan afgebeeld een spoor van purificatie hebben achtergelaten.

De straten worden gevuld door grote groepen pubers. Een invasie van scholieren, vooral uit Frankrijk en Spanje. Blijkbaar is de week voor Pasen het uitgewezen tijdstip voor stedentrips. De leerlingen worden vergezeld door een of twee docenten, vaak met een vermoeide, wanhopige, soms ongelukkige blik in hun ogen.
”Rechts de kerk van San Marcos”, roept de docent. Een enkeling werpt een vluchtige blik naar rechts, maar de meesten zijn te druk met elkaar bezig. Ze lopen met hun mobieltje in de hand, maken foto’s van elkaar, lachen, giechelen, flirten.

De ijzige wind duwt ons tenslotte een restaurant in. Casa Paca is ons zeer aanbevolen door autochtonen. Het personeel is weggelopen uit een aflevering van de Addams Family. Een lang type met een kaal hoofd en een sacherijnig smoelwerk buigt bij het naderen van onze tafel telkens als een knipmes. Alleen de barst in zijn schedel ontbreekt. Verder worden we bediend door een korte dikke ober met een vals glimlachje en een bleke magere jongen met een droeve, vermoeide uitdrukking op zijn gezicht. Nee, twee keer voorgerecht en een hoofdgerecht is niet mogelijk. In dit deel van het restaurant moet u elk een hoofdgerecht verorberen, laat het knipmes ons weten.
Dat is wel wat vreemd, op een maandagavond, met nog geen kwart van de tafels in het restaurant bezet. Plof fluistert me toe dat ze dit nog nooit eerder heeft meegemaakt.
Dan maar twee keer vis.
"Toch geen kweekvis?”, vraagt Plof voorzichtig, als echte Gallega.
“Alleen de dorada (goudbrasem) is kweekvis”, verzekert ons het knipmes. Ik bestel lubina (zeebaars), Plof kiest de rodaballo (tarbot).

Een kwartiertje later ligt de vis op ons bord. Die van Plof is rauw. Het knipmes neemt de vis mee terug naar de keuken. Ook mijn vis blijkt voor de helft rauw en de kleine dikke grijpt mijn bord en huppelt er mee weg. “Het ligt te ver van zee”, mompelt Plof.
Een kwartier later ligt dezelfde vis weer voor onze neus, maar nu gaar. Geen excuses van ober of kok, geen blikken of blozen. De vis is trouwens uitstekend, dat moet wel even vermeld worden. Daarom niet geklaagd, voor 40 euro p.p. namen we een heerlijke, unieke, macabere restaurantervaring mee naar huis.

maandag, maart 23, 2009

Wereldmars voor de vrede

Op de IDEX '09, de internationale wapenbeurs die onlangs in Dubai gehouden werd, was de omzet ongeveer 4 miljard, vijf keer hoger dan in 2007. De crisis gaat niet op voor de wapenindustrie want de internationale wapenhandel bloeit.

Ben je net zo naïef als ik en denk je ook dat het zin heeft om voor de vrede de straat op te gaan? Dan is er goed nieuws. In oktober van dit jaar begint een wereldmars voor de vrede in 90 verschillende landen in 6 verschillende werelddelen. Het initiatief komt van de organisatie Mundo sin guerras. Zowel individuen als organisaties kunnen deelnemen.

Meer informatie is te vinden op de site van een club naïevelingen:
http://www.samenvoorvrede.nl/svv120.html
en op
http://www.marchamundial.org/en

woensdag, maart 18, 2009

Knettergek in Beetsterzwaag (2)

Foto: scene uit Ien fleach oer it koekoesnêst door het gezelschap Op ny feriene.

In november plaatste ik een blogje over de mooie voorstelling van het toneelstuk Ien fleach oer it koekoesnêst, (One flew over the cuckoo’s nest) door het gezelschap Op ny feriene.

Zuster Flin stuurde een berichtje om te laten weten dat het stuk nog eens wordt uitgevoerd. Op vrijdag 24 april is Ien fleach oer it koekoesnêst opnieuw te zien in De Skans te Gorredijk.

Kaartverkoop via de website van de Skans http://www.skans.nl/. Grijp uw kans!

zaterdag, maart 14, 2009

Cubaanse rijst

Foto: Arroz a la cubana, © Duveltje, 2009

De vader van Fidel Castro werd geboren in Galicië in het dorpje Lancara, provincie Lugo. Tijdens de Spaans-Amerikaanse oorlog van 1898 werd hij uitgeloot voor militaire dienst. Maar zoals wel vaker gebeurde in die tijd werd hij voor veel geld “geruild” met een zoon uit een rijke familie. Ángel Castro werd soldaat en vertrok naar Cuba. Toen de oorlog afgelopen was keerde hij terug naar Spanje.

In 1899 besloot hij opnieuw naar Cuba te reizen om daar als boer zijn geluk te beproeven. Dat lukte, Ángel was een harde werker en schopte het tot grootgrondbezitter. Hij trouwde met Lidia Argote en kreeg met haar twee dochters. Fidel Castro was een van de zeven kinderen die hij kreeg met zijn kokkin en minnares Lina Ruz. Toen Lidia stierf trouwde Ángel met Lina.

In dit gerecht Arroz a la cubana ligt een hoop symboliek. Vlees is moeilijk te krijgen op het eiland. De Cubanen zijn blij als ze af en toe eens een stukje kip kunnen eten. Rijst met wat tomatensaus en een gebakken banaan is een makkelijk en goedkoop gerecht. Misschien had Ángel die negen kinderen wel te danken aan het eten van veel eieren. Bovendien heb je bij het zien van het plaatje ook weinig fantasie nodig om er iets anders in te zien.

Arroz a la cubana / Cubaanse rijst

Ingrediënten (4 personen)

- 400 gram rijst
- 1 of 2 eieren per persoon
- olijfolie
- 1 rijpe banaan per persoon

Voor de tomatensaus:
- 10 tomaten, 1 teentje knoflook, 1 fijngesneden ui, Spaans zeezout

Bereiding
Kook de rijst gaar en droog volgens de aanwijzingen op de verpakking.

Maak een tomatensaus: Kook de tomaten een paar minuten in ruim kokend water tot het vel rimpelt, dan kunt u het eraf halen. Fruit de ui en de knoflook glazig in 1 of 2 eetlepels olijfolie, voeg de kleingesneden tomaten erbij en laat 5-10 minuten doorpruttelen. Voeg eventueel wat water bij als de saus te dik wordt.

Doe de saus in een kom, maak glad met de mixer. Maak de saus af met de peper en het Spaanse zout.

Bak de spiegeleieren in een koekenpan.

Leg de rijst op een bord, daarnaast de eieren, en giet de saus erover heen.
Snijd de banaan in de lengte door tweeën en bak deze snel aan beide kanten goudbruin .
Leg de banaan op het bord.

Serveer met een glimlach.

maandag, maart 09, 2009

Crisis II

Afbeelding: En dit wordt hem dan: onze nieuwe JSF. Mooi hè!

XLMS-je van Jan-Willem van der Kraeyenbaert aan Jan-Lodewijk

Jan-Lodewijk, jongen! Ik moest wel haertelijk lachen om jouw XLMS-je. Wij hebben het bij defensie wat makkelijker met de crisis. Het klootjesvolk protesteert niet tegen de aenschaf van de nieuwe JSF-straeljaegers. 6 miljard euro is natuurlijk een habbekrats om mee te mogen doen op het hoogste geweldsniveau. Gelukkig heeft die Jack de Vries hart voor de zaek.
Nu maar hopen dat we die kisten straks ook een keertje in het echt kunnen gebruiken.
By the way, wanneer zien we je weer op de court?

Jan-Willem

woensdag, maart 04, 2009

Zakken aardappelen

Tekst: "nummertje trekken om zich aan te melden voor een uitkering"

Vorig jaar verscheen in de Voz de Galicia, het grootste regionale dagblad, een opvallend artikeltje. Het ging over een boer die weigerde zakken aardappelen aan de kerk van de lokale parochie af te dragen. Volgens de parochie was de boer volgens een oud feodaal leenrecht hiertoe verplicht. De kerk stond erop dat de boer zijn feudum, leengoed, zou betalen. Ik weet niet hoe dit is afgelopen. Het ging in ieder geval niet om een grap, helaas.

Vanaf de Middeleeuwen is het grootgrondbezit in Galicië in handen van adel en hogere en lagere geestelijkheid. Dit feodale stelsel bleef tot in de 20e eeuw ongewijzigd en heeft hele families aan de bedelstaf geholpen. Terwijl het leengoed gelijk bleef werden de families steeds groter en werk was er niet voorhanden. Omdat de werkloosheid en de armoede toenamen emigreerden tot in de vijftiger en zestiger jaren grote bevolkingsgroepen, veelal naar Zuid-Amerika.

De strijd tussen de conservatieve Partido Popular aan de ene kant en de coalitie van de PSOE, de socialisten en het BNG, het Bloque Nacionalista de Galicia aan de andere kant is behalve een strijd tussen links en rechts ook een strijd tussen zelfbeslissingsrecht en het centralisme. Afgelopen zondag 1 maart behaalde de Partido Popular een krappe overwinning. Met een nieuwe rechtse regering bestaat de kans dat Galicië terugvalt in het passieve verdeel- en heerssysteem van de baronnen en hun vriendjes.

De overwinning was te voorspellen. Na een conservatieve regeerperiode van 14 jaar kwamen BNG en PSOE in 2004 aan de macht. Dit kwam vooral door de nasleep van de aanslagen in Madrid en de fysieke instorting van de PP-leider Manuel Fraga. Nu kreeg de progressief-nationalistische coalitie de schuld van de economische neergang.

Spanje werd al in 2006 getroffen door een economische depressie, dankzij een crisis in de onroerend goed sector.
Op het ogenblik (februari 2009) staan er 206.570 werklozen geregistreerd bij de sociale dienst, op een beroepsbevolking van ongeveer 1,3 miljoen mensen, dat is een werkloosheid van bijna 16 procent, en een toename met 27,65 procent ten opzichte van februari 2008. In Spanje is het totale aantal werklozen nu 3.481.859 tegen 1.166.528 personen vorig jaar. Een stijging van 50,38 procent ten opzichte van vorig jaar februari.

Een vaakgehoorde uitspraak in Galicië: "de armoede is groot is maar er is altijd wel een vriend of familielid die nog een zak aardappelen over heeft". Mijnheer pastoor wil natuurlijk ook graag aardappelen uitdelen.

zondag, maart 01, 2009

Crisis

Afbeelding: Dit wordt hem dan, mijn nieuwe GL 420 CDI!

XLMS-je van Jan-Lodewijk van Uylenstaert:

Helaas heb ik de aanschaf van mijn nieuwe 4-wheel-drive even moeten uitstellen. De Mercedes GL 420 CDI komt er nu pas volgende maand. De crisis gaat ook mij niet in de koude kleren zitten. Ik heb in januari 20 man moeten ontslaan en hoewel niemand onvervangbaar is, was dat sans doute toch wel vervelend. We hadden nogal wat geld uitgegeven om geschikt personeel te vinden.

Gelukkig heeft mijn zoon Jan-Joris, bankdirecteur, gewoon zijn tantièmes uitgekeerd gekregen. Dankzij Wouter Bos, haha. We kunnen dus wel met Pasen op vakantie naar de Galapagos, maar de zeilweekendjes Monaco zullen er de komende maanden wel bij inschieten.

Salut, mes amis!

Jan-Lodewijk

dinsdag, februari 17, 2009

Zouteloos



María Adanez (in het roze) en Laura Pamplona(in het paars) in Aquí no hay quien viva

In de serie ”80 redenen waarom Spanje de Tachtigjarige Oorlog verloren heeft”, deel 22: "Gebrek aan humor".

Het enige echte leuke programma dat de afgelopen jaren op de Spaanse televisie te zien was, was Aqui no hay quien viva! in het Nederlands Niemand die hier kan leven. Het verhaal speelt in een denkbeeldig apartementengebouw in Madrid waarvan de bewoners constant met elkaar overhoop liggen.

De serie was een enorm succes, waardoor de hoofdrolspelers en de programmamakers het heel hoog in de bol kregen. De eerste hoogvlieger was Loles León, die meteen de serie uitgesodemieterd werd na een absurde salariseis. Uit wraak liet de scriptwriter haar zogenaamd uit het raam vallen. Hierna kreeg de producer kapsones. Hij legde het aan met María Adánez, die de rol van Lucia speelde in de serie, hetgeen Duveltje zich goed kan voorstellen, want María is echt een schatje. Maar daarna liet de producer María Adánez vallen en legde hij het aan met Vanessa Romero, een absolute barbiebop, die in de serie notabene de rol van de lesbische Ana speelde.

Vanessa mocht alleen het 3e seizoen meedoen en tegen die tijd was het succes zodanig uit de hand gelopen dat de acteurs niet meer veilig over straat konden. De omroep Antena 3 probeerde het zootje in de hand te houden, maar de chaos was zo groot dat men nooit van te voren wist wie er op de set zouden verschijnen. Vandaar het programma soms helemaal niet werd uitgezonden terwijl het de avond daarvoor nog was aangekondigd en er maar snel een andere serie tussendoor werd gedouwd. De reclamezendtijd van Aquí no hay quien viva werd gevuld met reclames waarin de hoofdrolspelers zelf te zien waren met pakken havermout, worsten en wasmiddelen. Dat kon niet goed gaan, in 2006 kwam er een einde aan de serie.

Op het ogenblik moet de Spaanse televisiekijker het doen met het programma van de komiek Andreu Buenafuente, een soort van standup-comedian-programma waarin Andreu 75 minuten lang de onbetwiste hoofdrol speelt. Daarbij passeert de ene na de andere aangever, soms een bekende gast, om Andreu nog meer in het voetlicht te zetten.

Verder is de spoeling erg dun. Er is nog één ander programma dat een beetje leuk is: Caiga quien Caiga, waarbij een trio onafgebroken grappen vertelt, meestal met een politiek tintje. Het belangrijkste onderdeel van het programma bestaat uit het stalken van bekende politici. Over het algemeen is Spaanse humor zouteloos.

Het nieuws dat er een grote lading zout onderweg was naar Engeland omdat ze er daar vanwege de vorst doorheen zaten verbaasde me daarom geenszins. In de Tachtigjarige oorlog verdienden Nederlanders dik op het Spaanse zout, dat ondanks de oorlog toch zijn weg naar het noorden van Europa vond. Gebrek aan humor is ongetwijfeld een reden waarom de Spanjaarden de Tachtigjarige Oorlog hebben verloren.

In de serie "80 redenen waarom Spanje de Tachtigjarige Oorlog verloren heeft" verschenen eerder:

19. Geen Sinterklaas
20. Bijgeloof
21. Slechte rekenkennis

woensdag, februari 04, 2009

Carnavalslied

Bestel nu dit opblaasbare swaffelbandje à € 5,95 verkrijgbaar in vleeskleurig, zalm en hardroze. (afgebeeld zalm) .

In 2007 en 2008 schreef ik voor mijn blog een carnavalsgedicht. Dit keer was ik zo op dreef, dat het een echt lied (in G-majeur) is geworden. De akkoorden staan boven de tekst.

Het Schwaffellied (Nederlands: het swaffellied)

Dmaj

intro
(Dmaj)
Ik heb nu voor de pret
In ploats van ’t noodpakket
De feestneus en de pet
Fis F E Es D
En de - schwa-ffel - op –ge –zet (vertragend)

(kreet: Daar goat ie daan …)

(refrein)
(Gmaj) (Dmaj)
Schwaffel hier, swaffel daar, schwaffel o-ve-ral
(Dmaj) (Gmaj)
Het is – tenslo- tte Car- naval,
(Gmaj) (Cmaj)
Schwaffel hier, schwaffel daar, Schwaffel ie-dereen,
(Gmaj) (Dmaj) (Gmaj)
Joa, sa-men of al- leen

couplet
(Gmaj) (Dmaj)
Toen ik nog maar net geboren was
(Dmaj) (Gmaj)
Mijn moe - die had me net gebaard
(Gmaj) (Cmaj)
Toen zei de dokter he, das vreemd
(Amaj) (Dmaj)
Het jong - dat heeft - een staart
(Gmaj) (Dmaj)
Mijn moe die zei: het moakt niet oet, ech neet,
(Dmaj) (Gmaj)
Het is tenslotte toch mien zoon
(Gmaj) (Cmaj)
Maar als ie straks wat groeter is,
(Amaj) (Dmaj)
Wat gaat ie met die stoart dan doon?

(kreet: Daar goat ie … allemoal metschwaffelen …)

(refrein)
Schwaffel hier, schwaffel daar, schwaffel overal
Het is tenslotte Carnaval,
Schwaffel hier schwaffel daar,
Schwaffel iedereen,
Joa, van de top, tot aan de teen

(couplet)
Mijn eerste vriendin, die heette Katarien
Die schrok eerst wel een beetje van de staart
Maar toen ze even over de schrik heen was
Zei ze, gelukkig is die niet behaard

Ik schwaffelde een beetje op de bonnefooi
Tot ik dat meisje tegenkwaam
We trouwden en nu is alles mooi
We schwaffelen nu lekker saam,..

(kreet: Daar goat ie … iedereen metschwaffelen …)

(refrein)

Schwaffel hier, schwaffel daar, schwaffel overal
Het is tenslotte Carnaval,
Schwaffel hier schwaffel daar,
Op school en aan zee,
En iedereen die schwaffelen wil,
Die schwaffelt even mee
(blijven hangen in Dmaj)

Ook op de wc
Holadijee
Ook de boze fee
In do en mi en re
Oom Wil en tante Gé
De tafel reservée

(kreet: Daar goat ie weer …)

(refreinen herhalen)
Schwaffel hier, schwaffel daar, schwaffel overal
Het is tenslotte Carnaval,
Schwaffel hier schwaffel daar,
Op de hele planeet
En als je dan geen schwaffel hebt
Dan pak de mijne beet

Schwaffel hier, schwaffel daar, schwaffel overal
Het is tenslotte Carnaval,
Schwaffel hier schwaffel daar,
Schwaffel iedereen,
Joa, van de top, tot aan de teen

(herhalen zovoak ge wilt)

maandag, februari 02, 2009

Aangespoeld (5)

(vervolg van blogjes 13-01, 18-01, 22-1 en 26-1)

Opdracht:

Lees de vier blogjes onder de titel Aangespoeld - de linkjes staan hierboven - nogmaals goed door:

Verzin naar aanleiding van de foto hierboven zelf een nieuw blogje, waarbij jouw nieuwe verhaal een rode draad weeft door de andere vier verhaaltjes. Onder de winnaars wordt een goede fles Rioja (Crianza) verloot. Inzendingen moeten binnen zijn voor 28 februari 2009.

maandag, januari 26, 2009

Aangespoeld (4)

(vervolg van blogjes 13-01, 18-01, en 22-1)

Een jaar of vier geleden ontmoette ik binnen een tijdsbestek van drie weken negen verschillende mensen die allen beweerden dat ze me ergens van kenden, maar niet wisten waarvan. En dat terwijl ik zeker wist dat ik ze alle negen nog nooit ontmoet had.

Het was niet leuk. Ik begreep niet waarom deze mensen dit opmerkten en ze zeiden er niet bij of hun déja vu nu een positieve of een negatieve ervaring was. Bovendien is het impertinent. Stelt u zich eens voor dat ik u morgen tegenkom, u kent mij niet, wij stellen ons aan elkaar voor, en ik zeg dan plotseling tegen u: “ik zag vorige week iemand die had net zo’n groene broek aan als u”.

Ik weet ook niet waarom mensen denken dat ze zich juist tegenover mij dit soort uitspraken kunnen veroorloven, terwijl ze me niet kennen. Gaan ze dan af op mijn goedmoedige, domme gelaatsuitdrukking, zo van: tegen die kan ik wel eens wat raars zeggen?

Bij de negende ontmoeting was ik het zó zat dat ik antwoordde: “Het is niet vreemd dat ik u bekend voorkom, hoor. Ik ben namelijk de broer van Michael Jackson”. Waarna deze negende onverlaat mij eerst onbegrijpend en daarna beledigd aankeek. Hij moest de tol voor de vorige acht grensoverschrijdingen betalen. Ik was ondertussen al op het punt aangekomen dat ik hem net zo goed een klap had kunnen geven, dus in feite kwam hij er nog goed van af.

Het was een griezelige ervaring, dat kan ik u wel vertellen. Zaken die toeval lijken, maar plotseling geen toeval meer lijken als ze zich te vaak herhalen.

Ik was een damessandaal, een schoen, en een strandslipper tegengekomen en het toevalsgevoel was eigenlijk al verdwenen. Een paar passen verder lag deze laars. Kijk eens wat een krachtig design! Het zou me niets verbazen als een Chinese of Japanse ontwerper hier een paar Oosterse uren aan besteed zou hebben. Ongetwijfeld heeft de laars aan de voet van een zeeman gezeten. Was het een visser die op een zonnige dag naar huis voer en dacht: de makrelen zijn binnen, laat ik mijn voeten eens even wat lucht geven? Een plotselinge golf, een onverwachte slinger, en hup, daar koos de laars het ruime sop.

Nee. Ho! Stop!

Het waren de dochters van Phorcys die met hun zoete gezang de stoere schipper verleidden die langs van Syracuse naar Genova voer. “Ach wat”, sprak Giovanni Aquatriste tot zichzelf, “eerst stijgen de brandstofprijzen en nu is het weer crisis. Ik kies nu maar voor zingende meiden”. Hij trok zijn laarzen uit, sloeg een kruis, en dook in het frisse Mediterrane water. Men dregde de hele golf van Napels uit, maar nooit werd hij meer teruggevonden. (wordt vervolgd)

donderdag, januari 22, 2009

Aangespoeld (3)

(vervolg van blogje 13-01 en 18-01)

Nog wat onthutst vervolgde ik mijn weg langs het strand. Wéér schoeisel! Maar deze keer zag ik er wat in.

1."Tralalie, tralala", zong de bouwvakker en hij goot het derde biertje naar binnen. Even verstrooid liep hij naar de branding en nam nog een duik in het volle sop. Toen hij terugkwam had de opkomende vloed zijn sandaal opgeslokt. "Ik haal nog een biertje", sprak hij met dubbele Spaanse tong en hij hinkte op de rechter naar het dichtstbijzijnde strandtentje.

2. De dokter had Álvaro Gonzalez-de la Torre nog zó gewaarschuwd. "Uw hart is in orde, maar gaat u problemen uit de weg". Helaas. De koppige bejaarde kreeg een toeval nadat hij zes uur lang in de brandende zon had gelegen. Door de ambulancedienst werd hij op een brancard het strand afgedragen. Een sandaal gleed van zijn voet af op de grond.
"Laat maar", zei de ene ambulancewerker tegen de ander, "die heeft ie toch niet meer nodig".

3. Vrolijk holde dikke José de branding tegemoet. Helaas struikelde hij over het kasteel dat zijn zesjarige zoontje daar net in een uur of anderhalf uit het zand had geschept. De band van zijn rechtersandaal brak, met een KLAK!
"Krijg nou de Torremolinos", zei José. Hij pakte de sandalen en gooide ze met een grote boog in zee.

(wordt vervolgd)

zondag, januari 18, 2009

Aangespoeld (2)

(vervolg van blogje van 13-01)

Na de confrontatie met de sandaal wandelde ik verder over het strand. Daar vond ik deze gestrande damesschoen. Dit beeld heeft iets onheilspellends. Bekijk de foto eens goed en denk alsjeblieft samen met mij na. Dit soort schoenen raak je niet zo snel kwijt op het strand. Hierbij hoort een ander, tragischer verhaal dan bij de sandaal. De schoen ziet er wat goedkoop uit en een beetje ouderwets. Je verwacht hem aan de voet van een vrouw van middelbare leeftijd. De hak is breed, maar net iets te hoog voor iemand die wat ouder is en moeilijker begint te lopen. Zo te zien is het geen dure schoen. Een plastic zool doet vermoeden dat het schoeisel uit een goedkope schoenenzaak komt, of van een markt.

De schoen ligt ondersteboven, dat is natuurlijk toeval, maar wellicht stond de vrouw ook ergens van op haar kop of was zij aan lager wal geraakt. Is hier sprake van een misdrijf, een ongeval? Even denk ik na over een carrière als misdaadjournalist in Spanje, maar uiteindelijk laat ik hem toch maar liggen. De hond die er eerder langs liep gaf mij het goede voorbeeld. (wordt vervolgd...)

donderdag, januari 15, 2009

Crisis in El País

foto: Almudena Grandes, de Spaanse schrijfster die niet kan rekenen (maar wèl kan schrijven).

In de serie ”80 redenen waarom Spanje de Tachtigjarige Oorlog verloren heeft”, deel 21: "slechte rekenkennis".

Afgelopen weekend was Barrajas, het vliegveld van Madrid, één grote chaos. Door hevige sneeuwval was de luchthaven vrijdag vijf uur lang dicht en vervolgens gooiden de piloten van Iberia er nog eens een stiptheidsactie bovenop. De wachttijden en vertragingen liepen op tot 48 uur, de Spaanse televisie toonde beelden van lange rijen gefrustreerde passagiers en mensen liggend in slaapzakken in de vertrekhallen.

Mijn vlucht vertrok afgelopen maandag gelukkig gewoon op tijd. Net toen ik mijn veiligheidsriem had vastgemaakt besefte ik dat mijn boek boven mij in de bagageruimte zat. Ik had geen zin om me weer overeind te hijsen en de jassen en tassen van anderen opzij te schuiven. Daarom nam ik met graagte de krant aan uit de handen van de steward.
Sinds de crisis is losgebarsten staan prominenten, al dan niet expert, in de rij om uit te leggen wat de oorzaken zijn van de huidige economische crisis. Liefst dragen ze daarbij een paar slimme oplossingen aan. Met zoveel wijsneuzen op deze wereld vraag ik me af hoe het mogelijk is dat we in een crisis zijn beland. Waar waren al deze mensen, die voorop staan om te bekennen dat zij de narigheid vaak al lang van te voren zagen aankomen, voordat de crisis losbarstte?

El País doet driftig mee. Wetende dat Spanje inmiddels 3 miljoen werklozen telt is de crisis hier geen ver-van-mijn-bed-show meer.
Ik lees eerst een paginagroot stuk van Ramon Marimon, professor in de economie van de universiteit Pompeu Fabra in Barcelona. Hij vergelijkt de crisis met die van 1929, heeft het over de werkelijke waarde van aandelen, het gebrek aan koopkracht op de aandelenmarkt als de beurzen kelderen, de verwevenheid van de financiële markt met de rest van het economische systeem en de globalisering. De oplossing ligt volgens Marimon in het beschikbaar maken van kredieten voor het bedrijfsleven en belastingverlagingen. Het creëren van werkgelegenheid moet gebeuren door particuliere bedrijven en niet door de overheid want dat is "stenen gooien naar een tsunami".

Op de achterpagina de vaste column: Ontbijten met ... door Francesco Manetto.
De Italiaanse uitvinder van de ventilerende schoen met membranen, Mario Moretti Polegato, op de bijgaande foto sjiek in het pak, modieus brilletje op, een paar van zijn eigen dure schoenen aan zijn fijne voeten, heeft de oplossing voor de economische teruggang al klaar: meer innovatie en uitvinden. Maar wèl oppassen dat anderen er niet met je ideeën vandoor gaan. Uitvinders moeten net doen als hij: een patent vastleggen over de hele wereld, dan komt het allemaal dik in orde.

Het derde crisis verhaal komt van de columniste en schrijfster Almudena Grandes, prijswinnaar met haar boek El corazón helado, die vertelt dat we allemaal voor de gek worden gehouden. Ze legt ook uit waarom. Het reddingsplan van Obama kost 775 miljard. Op de wereld zijn we met 6,7 miljard mensen. Een eenvoudig rekensommetje leert volgens haar dat iedere wereldburger 115 miljoen euro zou kunnen krijgen als dat geld naar de mensen zou gaan in plaats van de banken.
Ik lees het drie keer over. Het staat er echt! Op de achterpagina van de grootste krant van Spanje. Niemand die de moeite heeft genomen om het artikel goed te lezen voordat de krant werd gedrukt. Geen redacteur die het even heeft nagerekend en tot de ontdekking is gekomen dat de uitkomst van het rekensommetje 115 euro per wereldburger zou moeten zijn.

Het is waarschijnlijk dat de adviseurs van Filips II van Spanje over een even slechte rekenkennis beschikten.
” Ja hoor, Majesteit, die oorlog met de Lage Landen kan er makkelijk uit, zelfs al duurt hij een jaartje of tachtig”, riepen ze. De hertog van Alva kreeg van Filips II de opdracht mee om de Nederlanden zelfvoorzienend te maken. Wij Nederlanders konden wèl rekenen. Dankzij de hervormingen werden de Nederlanden inderdaad financieel zelfstandig, maar de Tiende Penning lieten we ons niet door de Spanjaarden in de strot douwen.

dinsdag, januari 13, 2009

Aangespoeld

De aanblik van een los kledingstuk op straat heeft iets onwezenlijks, iets dramatisch. Het duidt op de voorbije aanwezigheid van een voorbijganger, een medemens. Op een of andere manier heeft deze zich ontdaan van een stuk kleding, een stuk van zijn identiteit. Het gebeurde gewild of ongewild, maar ongetwijfeld met een reden.

Welke tragiek schuilt er achter die losse schoen op straat? Een ongeluk, een nachtelijke zwalkpartij? Het meest fascinerend is wel het damesondergoed, waarvan men zich in grotere hoeveelheden lijkt te ontdoen dan van andere kledingstukken. Is die damesslip misschien haastig uitgetrokken en waarom? Waait damesondergoed gemakkelijker van de waslijn, zijn het misschien mannen die deze souvenirs laten slingeren, of kinderen die het ondergoed van hun moeder hebben ontvreemd?

Op mijn tocht langs het strand van Santa Cristina werd mijn oog getroffen door deze aangespoelde damessandaal. De toevallige ontmoeting met de kapotte emmer, de plastic beker en het palmblad volgde waarschijnlijk pas op het strand. Ik maak mij snel een voorstelling van het drama: een wilde nacht, zwaaiend loopt ze over het strand, luid lachend slaat ze haar hoofd met het lange blonde haar achterover, beschonken, een fles champagne in haar hand, een glas in het andere. Ze struikelt, giechelt, mompelt: "Verdomme, mijn sandaal", kijkt even met troebele blik naar de grond en wandelt dan op één sandaaltje verder.

Het vreemde is dat ik hierna nog meer van dit soort voorstellingen op het strand aantrof (wordt vervolgd …)

zaterdag, januari 03, 2009

Oudejaarsavond in La Coruña (2)

foto: Las supremas de Móstoles

In de serie ”80 redenen waarom Spanje de Tachtigjarige Oorlog verloren heeft”, deel 20: “bijgeloof”.

Het Oudejaarsfeest werd in familiekring gevierd. Geweldige hoeveelheden oesters, krab en grote gambas vormden het voorgerecht. Daarna volgde de zeeduivel, met kleine garnalen en venusschelpen in wittewijnsaus. Toen een varkensgebraad met rode pepers. Het eten werd vergezeld van goede wijnen, een fijne Albariňo en een even uitstekende Rioja.
En terwijl de grootouders fluisterden , de ouders smoesden, de kinderen praatten en de kleinkinderen gilden stond de televisie aan. Dat is in Spanje traditie op Oudejaarsavond, want het is de beste manier om de klok in de gaten te houden.

Iedere televisiezender heeft zo zijn eigen gala met bekende artiesten. Bij ons stond de Gallega aan, dat is de regionale TVG, voluit Televisión de Galicia en we werden onthaald op talloze showorkesten en sterartiesten zoals Las supremas de Móstoles, Marta Sánchez, en Los Vivancos. Dit alles gepresenteerd door Xosé Ramón Gayoso. Gayoso is het gezicht van TVG, een presentator die al jarenlang zowat elke avond op de Gallega te zien is. Waarschijnlijk zal hij ook na zijn dood nog in een transparante lijkkist bij elk showprogramma de studio ingedragen zal worden. Voor dat toneel stond een enthousiaste menigte te hossen, compleet met feesthoedjes, toetertjes, in galakostuum, een glas in de hand, kortom helemaal in feeststemming.

Plotseling wees de kleine Clara opgewonden naar het scherm. "Papa", riep ze, een van de weinige woorden die ze met haar anderhalf jaar uit kan spreken. Ja, ja, Clara had gelijk, want daar op het podium stond papa.
Maar hoe was dat nu mogelijk? Papa, de swingende Cubaanse trompettist in het showorkest zat immers naast me. “15 dagen geleden opgenomen”, mompelde hij, emotieloos.

Dus we zaten te kijken naar mensen die deden alsof het Oudejaarsavond was.
We hielden de klok in de gaten. Het belangrijkste onderdeel van het vieren van Oudejaarsavond in Spanje is het eten van de 12 druiven op de slagen van de klok, de zogenaamde Campanadas. Om middernacht moet je precies op iedere klokslag een druif in je mond steken en doorslikken. Dat brengt geluk voor het jaar dat vóór je ligt. Zonder druiven kan het wel eens een heel slecht nieuw jaar worden. Er zijn maar weinig Spanjaarden die zich aan dit vreemde bijgeloof durven te onttrekken.

Om tien voor twaalf begon Xosé Ramón plotseling zenuwachtig te doen. “Het is tijd”, zo riep hij. “De druiven, opgepast!”
In de huiskamer keken we elkaar bevreemd aan. Het was tien minuten te vroeg. Was dit een misplaatste grap? Tien, negen, acht, zeven, zes, vijf, … en daar waar de eerste van de twaalf klokslagen moest klinken gingen we de reclame in. Smakelozer kon het bijna niet, daar waren Galiciërs, Nederlanders en Cubanen het over eens.

Na de reclame probeerden Las Supremas de Mostoles het nog met Gloria Gaynor’s, I will survive, in het Spaans Ai wiel soerfaif, maar menig Galiciër zal per ongeluk om tien voor twaalf de eerste druif in zijn mond gestopt hebben, daarmee het noodlot over zich afroepend.

Hoe vaak zullen de Spanjaarden tussen 1568 en 1648 hun druiven hebben moeten missen? Door dit soort bijgeloof moest de Tachtigjarige oorlog tegen de nuchtere Nederlanders natuurlijk wel verloren worden.