vrijdag, juli 03, 2009

Geen gevoel voor afstand

afbeelding: het plan van Filips II voor een olijfoliepijpleiding naar Zuid-Nederland

In de serie ”80 redenen waarom Spanje de Tachtigjarige Oorlog verloren heeft”, deel 23: "Geen gevoel voor afstand".

Spanjaarden zijn uitgesproken luiaards, dat mag de vaste bezoekers van dit blog zo ondertussen wel bekend zijn. Te lui om op te staan, te lui om een beetje te werken, te lui om naar de stembus te gaan. Omdat ze de laatste jaren ook te lui zijn om huizen te kopen verkeert Spanje nu in een grotere crisis dan welk land ook in West-Europa. Vraag een Spanjaard hoe ver het is naar dichtstbijzijnde toeristeninformatie en hij zal u waarschijnlijk antwoorden dat u tenminste vijftien minuten moet lopen. Daar zal hij dan onmiddellijk aan toevoegen dat u beter met de auto kunt gaan.
Vanzelfsprekend zijn Spanjaarden ook te lui om te lopen. Deel daarom het aantal minuten door drie. In de meeste gevallen kunt u uw auto laten staan en bent u binnen vijf minuten bij de Spaanse VVV.

Maar behalve luiheid schuilt er nog iets anders achter die verkeerde raadgevingen aan verdwaalde toeristen. Spanjaarden hebben geen gevoel voor afstand. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog dacht menig soldaat dat die Lage Landen ergens lagen waar de Spaanse hoogvlakten op hielden. Daar verslikten ze zich ernstig in. De Nederlanden bleken ver weg in het koude hoge Noorden te liggen. Dit maakte de Tachtigjarige Oorlog voor de Spanjaarden niet alleen een koud, maar ook een heel duur avontuur. Voorraden voor de Spaanse troepen moesten duizenden kilometers afleggen, met alle gevolgen van dien. Tomaatjes en sinaasappeltjes bedorven onderweg, de wijn klotste teveel in de vaten en de Spaanse vis bedierf. De paella en zarzuela met smaakten naar niets met Hollandse kabeljauw en garnalen.
Filips II overwoog nog even een olijfolie-pijpleiding aan te leggen vanuit Catalunya, maar dit idee werd al weer snel losgelaten omdat de Fransen natuurlijk niet te vertrouwen waren en een leiding over de zeebodem net zo ambitieus als het aanleggen van een metro in het centrum van Amsterdam.

Als u deze zomer in Amsterdam een Spaanse automobilist tegen het lijf loopt die u de weg vraagt, vermenigvuldig dan de afstand met drie en zeg hem dat hij beter kan gaan lopen. Waarschijnlijk heeft u nog gelijk ook.

dinsdag, juni 16, 2009

Chaim Potok namens Picasso

afbeelding Pablo Picasso - Stier, 1945/1946



Uit het boek "De gave van Asjer Lev". Chaim Potok verzint een conversatie tussen Pablo Picasso en de hoofdpersoon:

Picasso: “Vertel de mensen dat God een moordenaar is en ze kunnen het niet verwerken, ze worden kwaad en maken je af alsof je een stier bent. Wat sta je nou je hoofd te schudden? Geloof je niet dat God een moordenaar is? Wat weet jij van God af? Denk je dat je in Brooklyn werkelijk iets over God hebt geleerd? In Spanje leer je iets over God. God vermoordde mijn kleine zusje. Zo is het, Lev. Een klein meisje, plotseling ziek en dood. Alles wat Hij aanraakt wordt verwoest. Casagemas, Appolinaire, Eva, Max Jacob. Hoe kun je Hem aanbidden, Lev? Hij is de ware verwoester. Satan gaat openlijk te werk, met de kaarten op tafel. Hij neemt je rechtstreeks te grazen, zonder geintjes. God speelt op lievigheid en goedheid en vermoordt je. Wie is er erger, Satan of God? Satan is in ieder geval nog zo fatsoenlijk om ons zijn ware gezicht te tonen. Daarom zet ik het God betaald met mijn schilderijen. Ik vertel de waarheid in mijn schilderijen, maar ik verberg die. Hij weet dat die er is en Hij moet zwetend afwachten hoe mensen die ontcijferen en in zich opnemen. Zo maak ik mijn schilderijen en de mensen komen langs en leren ze langzaam te ontcijferen. Zo zet ik Hem zijn lievigheid betaald.”

vrijdag, juni 12, 2009

New York Free Beats

Free Beats from Chris "Shockwave" Sullivan on Vimeo.



New York staat al heel lang op Duveltjes verlanglijstje.

maandag, juni 01, 2009

Duveltje in Venetië (2)

Foto: Venetian Baroque Orchestra

(vervolg van het vorige blogje)

Het Italiaanse orkest zette wat onzeker in. Ook de stemmen van de solisten waren in de allereerste delen nog niet echt op gang. Manuela Custer haperde even, maar dit bleek gelukkig alleen een aanloopje naar een groots optreden. Custer heeft de meest speciale vocaal, heel gevoelig, wat vooral sterk naar voren komt in delen met minder volume waar ze een ongewoon sentiment in weet te leggen. Romina Basso valt vooral op door haar donkere, warme stem.

Karina Gauvin steeg boven haar eigen kunnen uit. Deze zangeres heeft een perfecte stembeheersing, ook in de stukken met veel volume en in het hoog. In het laatste deel kreeg ze na haar laatste aria een flink applaus. Romina Basso klapte het hardst en trappelde wild met haar voeten uit enthousiasme over de topprestatie van haar collega. Dat was leuk om te zien.

Mary-Ellen Nesi heeft een solide stem, ze zong haar partijen met passie en perfectie.
Marina Comparato bleef wat achter bij haar collega’s. Het was storend dat ze steeds in een lichte spreidstand stond, haar ene been wat verder naar voren dan het andere, om houvast te krijgen. Hierdoor leek het alsof ze bezig was een spoorwegwissel om te zetten. Ondanks deze lichaamsbeweging bleef haar stem in body en volume tekort schieten. Zuiver en ritmisch correct was het wel, daar was niets op aan te merken.

Tussen de Custer en Comparato aan de ene kant en Gauvin en Nesi aan de andere kant leek wat na-ijver te bestaan. Er waren af en toe wat scheve blikken. In het programmaboekje was te lezen dat deze oratoria in de tijd van Vivaldi juist werden gebruikt voor teambuilding onder de vocalisten. Het succes en de ovatie na afloop leken de afgunst tussen de diva’s geheel weg te vagen.

De teambuilding was zeker in orde bij het Nationaal Jeugdkoor, de 19 dames zongen van begin tot eind vlekkeloos en het enthousiaste applaus na afloop was zeker ook voor hen bedoeld.
Tussen de aria’s door werd vele malen geapplaudisseerd.

De stadsfreules naast mij bleven de hele voorstelling flink tekeer gaan. “Wauw”, riepen ze herhaaldelijk, hetgeen voor een stadsfreule wel een ludieke kreet is. Verder, “Ongelooflijk”, “Fantastisch”, “Nou, nou!” en dat alles met een zeer deftig accent.

Ik weet zeker dat ze dat in de namiddag ook nog een keer hebben geroepen vanaf hun balkon in Amsterdam Zuid. De stadsfreules en het stralende weer maakten mijn zaterdagmatinee compleet.

zondag, mei 31, 2009

Duveltje in Venetië (1)

v.l.n.r. (boven) Manuela Custer, Mary-Ellen Nesi, (onder) Karina Gauvin, Marina Comparato, Romina Basso.

Duveltje mocht vorige week de ZaterdagMatinee van Radio 4 in het Amsterdamse Concertgebouw bijwonen. Op het programma stond Juditha triumphans devicta Holofernis barbarie; sacrum militare oratorium RV 644, een opera van Antonio Vivaldi (1678-1741) uit 1716, uitgevoerd door het Venice Baroque Orchestra en het Nationaal Jeugdkoor. Vijf vrouwelijke solisten stonden op het podium, allen met geheel verschillende stemmen en kwaliteiten. Manuela Custer (mezzosopraan), had de hoofdrol van Juditha, Mary-Ellen Nesi (mezzosopraan) zong Holofernes. Karina Gauvin (sopraan) vertolkte de partij van Vagaus. Marina Comparato (mezzosopraan) zong Abra en Romina Basso (mezzosopraan) de rol van Ozias.

Het verhaal in het kort: Het koninkrijk Juda wordt aangevallen door de Assyriërs onder leiding van generaal Holofernes. De mooie Hebreeuwse Juditha zoekt de generaal op. Deze laat zich door de schoonheid betoveren en kijkt vervolgens te diep in het glaasje. Judith hakt zijn hoofd af terwijl hij ligt te slapen. Juda is gered, de Assyriërs worden verslagen.

Het thema van het stuk is niet echt opwindend te noemen. Het inzetten van mooie dames als tactisch wapen lijkt sinds Mati Hari buiten gebruik geraakt en het afhakken van hoofden is in onze Westerse wereld al lang uit de mode.
Juditha triumphans is een religieus oratorium met een politiek karakter, bedoeld om de Venetianen te motiveren in de oorlog tegen de Turken. Mogelijkerwijs is het gebruikt om de overwinning van Venetië op de Turken op het eiland Corfu te vieren, maar dat is niet bewezen.
Dit oratorium is om een andere reden interessant. Vivaldi componeerde het voor de vrouwelijke leerlingen van de Ospedale della Pietà. Het wordt door alleen vrouwen uitgevoerd, ook de partijen van de lagere stemmen, tenoren en bassen worden dus door vrouwen gezongen.
Bovendien was het concert van zaterdag een primeur: dit oratorium was nog nooit eerder in Nederland uitgevoerd.

Naast mij namen twee stadsfreules plaats. Dames van goede stand die voor de gelegenheid zelfs maar een mantelpakje hadden aangetrokken. Hun eerste gilletjes “Fantastisch!”en “Spectaculair”, betroffen de kleding van Manuela Custer die met een fraaie zwarte jurk met split en bijzonder laag uitgesneden decolleté haar rol van de verleidelijke Juditha kracht bijzette.
Ik heb het belang van de kleding in oratoria tot afgelopen zaterdag zeker onderschat. De fraaie rode jurk van Marina Comparato en het mooie witte jasje van Mary-Ellen Nesi mochten er volgens de dames ook wezen.

(wordt vervolgd)

zaterdag, mei 23, 2009

Tentoonstelling Alberto Datas

foto: schilderij-collage van Alberto Datas

In de Fundación Luis Seoane in La Coruña is tot 28 juni as. een expositie van te zien van Alberto Datas. Deze kunstenaar werd in 1935 in La Coruña geboren en stierf in december 2007 in Madrid.

Deze tentoonstelling laat voornamelijk werken zien uit zijn laatste levensjaar. De indrukwekkende collages, mengsel van vele technieken en materialen, olieverf, knipsels uit kranten en tijdschriften, potlood, inkt hebben vaak een politiek thema.

Alberto Datas had een huis in Oleiros, hier vlakbij, waar hij 's zomers altijd een paar maanden doorbracht.

donderdag, mei 14, 2009

Op naar het roze plein !



De Spaanse bijdrage voor het Eurovisie Songfestival 2009 in Moskou: La noche es para mi, (vert. De nacht is voor mij) een kwaliteitsproductie met zangeres Soraya Arnelas in de hoofdrol. Daar kunnen De Toppers nog een puntje aan zuigen!

Gordon laat ons weten dat hij mogelijk de finale van het Eurovisie Songfestival zal boycotten. Als er tijdens zijn verblijf in Moskou met geweld tegen homo’s wordt opgetreden doet hij niet meer mee. “Het zijn mijn mensen”, zei Gordon gisteren op de radio. De publieke opinie schaart zich meteen voluit achter de Amsterdamse kapsoneslijer. Zelfs Minister Plasterk vond het nodig om zich alvast solidair te verklaren met “geef haar een nekschot”-Gordon. Bij de Olympische Spelen durfde geen regeringslid het woord boycot in de mond te nemen (Hoe zit het trouwens met homo’s in de Volksrepubliek China?).

“Met hun meezingliedjes verleiden ze honderdduizenden mensen tot een on-Hollandse uitbundigheid”, schreef Peter de Waard gisteren enthousiast in de Volkskrant. Wat nou on-Hollands, zo Hollands als de pleuris, denk ik. Bekende Nederlanders gaan naar de concerten van de Toppers, zo zegt de Waard, “VVD-leider Mark Rutten zong vorig jaar uit volle borst met hen mee”. De kouwe rillingen lopen me over de rug. Ik denk even aan de Lullo’s van Jiskefet, want die waren ook heel populair bij VVD-publiek.

Jerney Kaagman wordt ook geciteerd in het Volkskrantartikel “Hier hebben we zo lang naar gestreefd: de popularisering van de Nederlandstalige muziek. Het is een nieuwe vorm van massacommunicatie”. Ach, Jerney, wat een slecht geheugen. Hoe zat dat ook alweer met André van Duyn, het Goede Doel, Doe maar, Vader Abraham en de Zangeres zonder naam? Bah, wat een ellende. Treurig dat de Volkskrant dit Telegraaf-artikel publiceert.

Vriendje Froger heeft een half miljoen euro in de songfestival-onderneming geïnvesteerd. Let op mijn woorden, die Gordon loopt heus niet weg.

Ik heb niets tegen homo's, maar laat deze kwal alsjeblieft niet het gezicht van het liberale, tolerante Nederland in het buitenland zijn.

Tenslotte een tip voor de Russen: verander één keer per jaar het Rode Plein in een Roze plein.